Bodycount

Artikel | -

Geplaagd door uitstel, conflicten tussen uitgever Codemasters en het creatieve brein achter de game en dan ook nog eens een niet al te sterke indruk maken… nee, het zit Bodycount niet mee. Het lijkt er op dat buitensporige ambitie de game aan het nekken is, wat toch zonde is, want in potentie kan het een zeer vermakelijke shooter zijn.

Bodycount is niet nieuw en als er al wind in de zeilen zat, dan is dat er al lang uit. Klinkt wat cru, maar het is wel waar. Dat is te danken aan een beetje overmacht en een heleboel gebakken lucht. De ontwikkelaar heeft namelijk lange tijd last gehad van het Molyneux-syndroom: veel willen, meer beloven en er uiteindelijk bar weinig van terecht laten komen. Zo beloofden ze likkebaardend mooie graphics, revolutionaire multiplayer en de ultieme schietervaring. Tot nog toe hebben we nog niks gezien dat die mooie woorden evenaart.

Eerder dit jaar hebben we hem zelfs al onderhanden gehad, en raad eens? De presentatie die we ditmaal kregen te zien was grotendeels hetzelfde, met de uitzondering van The Target, een mysterieuze militante groepering die onverwachts uit hun ondergrondse hol kruipen. Nou ja, kruipen, ze schieten met enorme invasietorens de grond uit, maar je snapt wat ik bedoel. Het is wat raar om de grootste slechteriken in een game “het doelwit” te noemen, maar dat laten we maar even achterwege.

Mocht je het nog niet gehoord hebben: het speerpunt van de game is dat je dwars door allerlei materialen heen kunt schieten. Zo versplinter je hout met het grootste gemak, boek je beduidend minder resultaat met metalen oppervlakken en heb je geen deuren nodig bij het gemiddelde gebouw, daar schiet je gewoon de muur aan gort. Jawel, in dit opzicht is het dan ook de spirituele opvolger van Black dat jaren geleden door Electronic Arts uitgebracht is op de vorige generatie consoles. Zo op het eerste gezicht lijkt Bodycount echter nog wel in de schaduw te blijven staan van zijn grote voorbeeld. Waarom? Omdat hij zo ijverig is dat hij zijn doel voorbij lijkt te schieten.

Want Bodycount doet niet een paar dingen anders, maar zo’n beetje alles. Zo draait alles (naast pure vernietiging) om informatie. Niet het type dat je daadwerkelijk leest overigens, zo intellectueel is het niet. Nee, het is de munteenheid van de game. Hiermee koop je namelijk upgrades. Deze verdien je door gewone kills en skillshots te maken (Bulletstorm anyone?): gewone kills leveren een basishoeveelheid op, skillshots meer. Ook zijn er speciale verkenningstroepen die de spreekwoordelijke jackpot vormen, als je deze weet om te leggen krijg je een extra grote hoeveelheid. Hiermee koop je dan bijvoorbeeld weer bijzondere vaardigheden. Zo kun je de mogelijkheid krijgen om een zeer lokale luchtaanval uit te laten voeren.

Hoewel de actie zelf in potentie best vet is, komt het visueel niet tot z’n recht. Slecht ziet het er niet uit, maar mooi of origineel is ook anders. Het is nu nog zo’n nare game, in de zin van: een game die je niets echt kwalijk kunt nemen, maar je toch een beetje dwars blijft zitten. Het kan overigens goed zijn dat die frustratie bij Bodycount voortkomt uit wat ik zie als de grootste misser van de game: de besturing. Als je simpelweg rondrent zonder nauwkeurig te schieten is er nog niets aan de hand, maar zodra je door je richtkruis kijkt wordt het vervelend. Op dat moment ben je namelijk vastgenageld aan de grond en kun je dus ook niet meer strafen. Wat je wel kunt is als een malle op en neer duiken. Het idee er achter is dat je zo beter gebruik kunt maken van beschutting. De uitwerking zorgt echter eerder voor misselijkheid. Bovendien is het onwennig en haalt het de vaart uit de actie.

Bodycount weet nu nog niet te overtuigen en gezien het feit dat dit al een tijd het geval is, is het ook maar de vraag of hij dat ooit wel gaat doen. Het is ergens lovenswaardig dat de ontwikkelaar met nieuwe mechanieken experimenteert, maar het gevoel blijft overheersen dat veel dingen al beter gedaan zijn of worden door de concurrentie. Vooralsnog zien we nog teveel ambitie en te weinig ingeloste beloftes. Peter Molyneux zal trots op ze zijn.


Plaats een reactie


X
Lees meer over Bodycount: