Bureau voor Gamers: Nintendo’s Official Seal… of Quality

Artikel | -

Elke woensdag plaatsen we bij InsideGamer het leukste artikel van Bureau voor Gamers, een creatief gamesblog van onze eigen Maarten Jalink en Wesley Domingos, op onze site. Ditmaal een blik op Nintendo’s ouderwetse manier van kwaliteitsbewaking. Als je er eens goed naar kijkt, dan zie je namelijk dat Nintendo een beetje van zijn eigen geloof is afgevallen...

Iedereen kent de ‘Nintendo Seal of Quality’, de gouden ster die op elke Westerse Nintendo-game te vinden is. Tegenwoordig een nietszeggend logootje, maar vroeger een bijster interessant verschijnsel. Aanvankelijk werd het zegel ingevoerd om games van goede kwaliteit te garanderen in de door prutgames omgeven Amerikaanse gamesmarkt. Zonder dat al te veel mensen het doorhadden, heeft Nintendo of America de badge in 2003 aangepast en is de kwaliteitsgarantie verdwenen.

De succesvolle licentiemethode die Nintendo sinds de jaren '80 hanteert lijkt wel wat op het strenge beleid waar Apple momenteel om bekritiseerd wordt. In de VS en later ook in de andere Westerse landen garandeerde Nintendo namelijk spellen van hoge kwaliteit middels het gouden embleem op de verpakking. Destijds werd de markt gedomineerd door belachelijk slechte spellen. Nintendo's kwaliteitszegel kwam dus als een redding! Uitgevers probeerden met de meest afschuwelijke games voor onder andere de Atari 5200, ColecoVision en de Magnavox Odyssey even snel te cashen. Al deze spellen van extreem lage kwaliteit leidden uiteindelijk tot de grote Noord-Amerikaanse gamecrash van 1983, een situatie waarin de consument de hoop op goede videogames had opgegeven.

Ok, de Nintendo Seal of Quality werkte niet altijd. Superman 64, één van de slechtste games ooit, heeft het zegel ook gekregen...

Toen Nintendo uiteindelijk in 1985 in de Verenigde Staten de NES lanceerde, probeerde het bedrijf met man en macht te voorkomen dat iedereen zomaar voor hun spelcomputer kon gaan ontwikkelen. Sterker nog: het eerste jaar verschenen er alleen maar spellen die door Nintendo zelf waren gemaakt. In de jaren daarna werden steeds meer ontwikkelaars toegelaten tot het selecte clubje developers. Omdat men niet meer dan vijf spellen per jaar mocht uitbrengen én Nintendo alleen games van hoge kwaliteit toestond, ontstond een catalogus van relatief goede NES-spellen. Als je als consument deze zegel op een spel of accessoire zag staan, dan wist je dat het snor zat; er waren nauwelijks bugs te vinden en je kon er vanuit gaan dat de gameplay aan bepaalde kwaliteitseisen voldeed. Zodoende creëerde Nintendo dus een veilige omgeving voor de consument en wist het de markt te veroveren.

Naarmate het Japanse bedrijf populairder werd, wilden steeds meer developers voor Nintendo's handhelds en consoles gaan ontwikkelen. Resultaat: Nintendo raakte langzaam maar zeker de grip op de kwaliteit van de games kwijt. Natuurlijk mogen alleen bepaalde uitgevers publiceren op Nintendo's platforms, maar de toelatingseisen liggen tegenwoordig meer op financieel vlak. Zolang je maar betaalt en je aan een paar regeltjes houdt, mag je je games uitbrengen.

Hierdoor kon Nintendo in Amerika niet meer garanderen dat de toegelaten spellen van hoge kwaliteit waren. Los van het feit dat kwaliteit garanderen een lastig iets is bij games, was het in de toenemende Amerikaanse claimcultuur sowieso verstandig om dit soort beweringen niet meer te doen. In 2003 werd daarom het ovale Seal of Quality in de VS vervangen door een "Official Nintendo Seal". In Europa, die een ronde variant heeft, krijgt iedere game nog wél een Seal of Quality opgestempeld. Maar zolang men in Amerika niet garant staat voor de kwaliteit van exact dezelfde game, is het Europese zegel natuurlijk niet geloofwaardig.

Ondanks Nintendo's selectie, die bijvoorbeeld nog wel de nodige bugs uit aankomende games filtert, mag je er dus niet meer vanuit gaan dat alle games in de schappen van hoge kwaliteit zijn. De Official Nintendo Seal of Quality betekent tegenwoordig alleen nog zoiets als "Nintendo verdient hiermee". Dat ook de consument dit ziet, is iedereen duidelijk. Het aantal onbekende prutspellen voor Nintendo's handhelds en consoles neemt nog altijd in een razend tempo toe. Niemand vindt de Hannah Montana- of High School Musical-games echt goed (of leuk), maar toch ontvangen ze keer op keer de goedkeuring van Nintendo en leveren ze Disney bakken met geld op.

Desondanks blijft Nintendo zijn goedkeuring verlenen aan dit soort uitgevers. De DS, Wii en 3DS kenden aanvankelijk een prachtige line-up, maar al snel trof je in de winkel de meest waardeloze spellen aan. En tegelijkertijd daalt de achting voor Nintendo genadeloos hard. Want laten we nu eens eerlijk zijn: Nintendo's spelcomputers staan tegenwoordig niet bekend om hun goede gamecatalogus. Het wordt dus gewoon weer tijd dat de hoge heren gaan inzien dat een markt vol slechte games niet werkt. Vooralsnog lijkt het nog goed te gaan, maar in ons hoofd zien wij alweer 1983-achtige taferelen opdoemen...

Geplaatst op 30 november 2011 om 18:00 door


Plaats een reactie


X
Lees ook: