Vancouver 2010

Recensie | -

De Olympische Spelen is Big Business. Het IOC verdient er elke keer bakken met geld aan, voor de steden waar het plaatsvindt betekent het een boost in bekendheid en een stroom aan toeristen, en voor televisiezenders levert het hoge kijkcijfers op. Ook op gamegebied doet het sportevenement het goed en daarom komt er sinds jaar en dag bij elke Olympische Spelen een nieuwe game uit. Een traditie die waarschijnlijk nog wel jaren door gaat.

Een andere traditie is de kwaliteit van de games. Want op dat gebied weet je wat je om de twee jaar kunt verwachten. De zomergames weten over het algemeen nog wel op een voldoende uit te komen, maar aan de wintervariant heb ik alleen maar slechte herinneringen. Het absolute dieptepunt van de Olympische Winterspelen-game was vier jaar geleden toen ik een drie aan Torino 2006 uitdeelde. Gelukkig is Vancouver 2010 in vergelijking met dat wanproduct een stukje beter, maar aanschafwaardig is het nog steeds niet.

Het grote probleem van Vancouver 2010 is dat het snel eentonig wordt. Laten we bijvoorbeeld skispringen nemen. In deze edele sport gebruik je slechts één knop en de analoge stick. Je drukt de actieknop bij de start in om je af te zetten en daarna nogmaals bij de afsprong van de schans en bij de landing. In de lucht zelf kun je nog een beetje bijsturen om zo niet door de wind te worden weggeblazen, maar meer dan dat komt er niet bij kijken. De eerste keer is dit leuk, de tweede keer heb je er al minder lol in en daarna gaat het helemaal bergafwaarts. Nu zou je het tegen vrienden kunnen spelen om zo te kijken wie het beste springt. Ik heb dit geprobeerd, maar na een half uur werd er al gesmeekt om FIFA 10 of Modern Warfare 2 op te starten.

Dat heeft er ook mee te maken dat het aanbod van disciplines nogal karig is. Op papier klinkt veertien verschillende sporten indrukwekkend, maar in de praktijk kun je dat getal makkelijk door twee delen. Het slalommen op de ski’s of op het snowboard levert hetzelfde gevoel op, het verschil tussen de tweemansbob of het rodelen is klein en shorttracken kan op een afstand van 500 of 1500 meter. Bovendien zijn er belangrijke sporten, die in vorige Olympische Spelen-games nog enigszins te pruimen waren, buiten de boot gevallen. Waar is bijvoorbeeld het gewone schaatsen en waarom ontbreekt biathlon? Keuzes die ik niet helemaal begrijp.

Dezelfde vraagtekens kun je zetten bij de moeilijkheidsgraad van de game. Van een beetje uitdaging ben ik niet vies en het geeft een bevredigend gevoel als je na twintig pogingen bij het skiën eindelijk de gouden medaille binnenhaalt, maar vaak is de invloed van de factor geluk te groot. Bobsleeën is bijvoorbeeld onmogelijk om goed te voltooien, doordat je te weinig mogelijkheden hebt om in een bocht een minuscuul foutje te verbeteren. Het gevolg is dat je 99 van de 100 keer crasht, vooral in de beruchte bocht 6.

Muziek

Opvallend aan Vancouver 2010 is de muziekkeuze. Waar je normaal gesproken in een Olympische Spelen-game met lieve, schattige deuntjes te maken hebt, krijg je hier rock-nummers voorgeschoteld. Dat pakt goed uit, want de muziek neemt hier en daar wat agressie weg als je voor de zoveelste keer in de fout gaat.

Er is bij dit soort frustrerende momenten ook nauwelijks een prikkel om door te spelen, omdat de game als los zand aan elkaar hangt. Je krijgt op geen enkel moment het gevoel dat je bezig bent met een spannende competitie. Elk evenement is een losstaand onderdeel, waar slechts vier man aan meedoen. Het behalen van een bronzen of zilveren plak levert geen enkel gevoel van blijdschap op en bij het behalen van een gouden medaille ben je alleen maar blij dat je een nieuwe Achievement of Trophy binnensleept. Waarom is er geen competitie opgezet zoals bij de Mario & Sonic-variant, waarbij je punten scoort bij elk onderdeel om zo uiteindelijk het eindklassement te winnen?

Er is dus behoorlijk wat mis met de game, maar zoals gezegd is het voor een Olympische Winterspelen-game best aardig. Vooral grafisch staat de game zijn mannetje. De verschillende omgevingen en deelnemers zien er naar behoren uit en er is een uitstekend gevoel voor snelheid. Dit komt met name door de sterke First-Person view, waarbij je echt het gevoel krijgt de desbetreffende sport te beoefenen. Daarnaast zijn er een aantal boeiende challenges, waarmee de saaie evenementen iets interessanter worden gemaakt omdat je rekening moet houden met een bepaalde eis. Snowboarden met omgekeerde controls levert bijvoorbeeld een heel aparte ervaring op.

Conclusie en beoordeling

Het oordeel van

De ontwikkelaar van Vancouver 2010 heeft over een aantal punten goed nagedacht, maar heeft uiteindelijk op de meest essentiële elementen steken laten vallen. Het spel hangt als los zand aan elkaar, bevat te weinig gameplayelementen en is hier en daar frustrerend moeilijk. Bovendien zijn er te weinig evenementen, waardoor de eentonigheid al snel toeslaat. De challenges en de goede graphics maken wat goed en zorgen ervoor dat de game een behoorlijke verbetering is ten opzichte van Torino 2006, maar die kans was net zo groot als de kans dat Sven Kramer in Vancouver minimaal één gouden plak pakt.

5
  • Graphics
  • Challenges
  • Te weinig evenementen
  • Onsamenhangend geheel
  • Iets te vaak frustrerend
  • Te weinig gameplayelementen

Plaats een reactie