Super Street Fighter IV

Recensie | -

Anderhalf jaar geleden kwam ik een pracht van een meid tegen. Van het één kwam het ander, en het ander eindigde acht maanden later. Ze was nagenoeg perfect en ik denk nog graag terug aan m’n tijd met haar. Vorige week stond ze opeens voor me bij de kassa van plaatselijke supermarkt. Haar T-shirt strak van een recente borstvergroting, haar broek een maatje kleiner door regelmatig sportschoolbezoek en een Viva met de tekst ‘10 tips voor betere fellatio’ op de cover in haar hand. Even kreeg ik weer kriebels in m’n buik. Van het één kwam uiteraard het ander. Toch had ik dat andere na twee dates wel weer gezien. En dat is nu precies wat ik ook met Super Street Fighter IV heb.

Laat ik beginnen met de redenen waarom ik ooit verliefd ben geworden op Street Fighter IV. De serie heeft zichzelf hervonden, de 2D-essentie van Street Fighter II manifesteert zich op een prachtig cel-shaded next-gen strijdtoneel. De besturing is magnifiek, de flitsend snelle actie een verademing. Ryu en Ken laten hun rivaliteit weer ontvlammen met de vertrouwde vuurballen en drakenstoten, maar hebben ook Super en Ultra Combo’s en Focus Attacks geleerd. 2D-vechtactie heeft nog niet eerder de perfectie zo dicht benaderd.

Maar spellen komen en gaan, zoals ook vrouwen dat doen. En het is alweer een tijdje terug dat ik voor het laatst SF IV in mijn PS3-gleuf heb laten glijden. Andere spellen hebben diens plek ingenomen, terwijl het schijfje stof ligt happen. En toen was daar opeens Super Street Fighter IV. Even ging mijn hartje weer wat sneller kloppen. Tien nieuwe speelbare personages, keuze uit twee Ultra Combo’s voor alle vechters, de terugkeer van de bonus stage; het lijkt allemaal te mooi om waar te zijn. Het bijna perfecte vechtspel is nog perfecter geworden!

Het eerste dat ik doe is de nieuwe strijders begroeten. Tot mijn schrik blijken acht van de tien gewoon oude bekenden te zijn. T.Hawk en DeeJay ken ik nog uit Super Street Fighter II. Adon ken ik vaag van Street Fighter Alpha, Makato, Dudley en Ibuki uit Street Fighter III. En ook Final Fight-helden Cody en Guy kwamen eerder al in de SF Alpha-serie opdraven. Mijn interesse gaat dan ook uit naar Juri en Hakan, twee compleet nieuwe gezichten in de menigte.

Juri is een taekwondoka met sadistische trekjes. Ze geniet ervan met haar prooi te spelen, haar prooi te pijnigen. Acrobatische schoppen zijn haar favoriete wapen en ze heeft een kleine verrassing in haar linker oog zitten. Voor haar Ultra Combo put ze kracht uit de zogeheten Feng Shui Engine, de kleine verrassing die in haar oog verstopt zit. Op mijn eerste afspraakje met Juri (ik omcirkelde haar vakje, zij kwam opdagen op het slagveld) klikte het meteen. Haar special moves zijn van de Ryu/Ken-variant, ideaal voor snelle reacties. De lenigheid die ze tijdens het schoppen laat zien, doet me watertanden. Juri mag blijven van mij.

Waar ik minder op zit te wachten, is een Turkse olieworstelaar. Nee, ik maak geen grappen. Hakan is een meester in de kunst van het gladde grijpwerk. Hij doet niets liever dan zichzelf besprenkelen met olijfolie; zijn spieren gaan er lekker van glimmen en het komt zijn vechtstijl ten goede. Als hij zijn ongelukkige tegenstanders omhelst, glippen ze hoog de lucht in of schuiven ze met een rotvaart over de grond. Leuk bedacht, maar het is het toch ook weer net niet. Hakan had thuis mogen blijven van mij.

De nieuwe Ultra Combo’s zijn ook minder spannend als je ze eenmaal onder de knoppen hebt. Sowieso moet je de oude combo opgeven, het is kiezen en nooit delen. En ik ga mijn (feilloze) strategie niet aanpassen op een nieuwe Ultra-aanval. Je kunt nu dus je tegenstanders met een andere animatie helemaal de vernieling in meppen, maar dat verandert niets aan de manier waarop je mensen de vernieling in mept. Na alle nieuwe combo’s een keer gezien te hebben, zijn ze hun aantrekkingskracht eigenlijk wel kwijt.

Mijn laatste hoop is gevestigd op de bonus stages. Ik heb nog steeds mooie herinneringen aan het slopen van een auto en het kapot schoppen van houten tonnen in SF II. Nu kan ik wederom helemaal los gaan op cel-shaded vervoersmiddelen en lege wijnvaten. Maar helaas, ook hier is de lol snel vanaf. Die auto doet helemaal niets terug. Het is gewoon een beetje aanvallen en combinaties oefenen met een koekblik op wielen in het midden van het scherm. Gelukkig komen de houten tonnen uit de lucht vallen en zijn dit dus bewegende doelwitten. Maar de besturing laat hier behoorlijk te wensen over. Druk je namelijk naar achteren om een special move uit je knoppen te toveren, dan draait je favoriete straatvechter zich om. Gevolg? Geen special move, en een ton in je rug. Gevolg daarvan? Ook deze bonus stage is niet de moeite waard.

Maar ja, waar heb ik het nu allemaal over. Super Street Fighter IV is in essentie Street Fighter IV, dat ik vorig jaar een 9,5 heb gegeven. En eigenlijk is het er alleen maar beter op geworden. Alle veranderingen zijn uitbreidingen op een toch al geniale vechtgame. Wel een vechtgame waar ik op uitgekeken ben. Dit maakt het vellen van een eindoordeel heel moeilijk. De vraag is dan: wordt mijn ex er minder lekker op omdat ik al een relatie met haar hebt gehad? Nee. Is mijn ex er lekkerder op geworden als ze wat aan haar uiterlijk heeft verbeterd? Ja. Maakt dat haar opnieuw interessant voor me? Niet echt, want uiteindelijk blijft het een ervaring die ik al heb gehad.

Conclusie en beoordeling

Het oordeel van Crew

Ben je uitgekeken op SF IV, dan zal deze superieure versie daar geen verandering in brengen. Vind je SF IV nog helemaal de shit, of ben je vergeten SF IV te halen het afgelopen jaar, dan is deze versie zeker de moeite. Helemaal omdat ie voor een zachte veertig euro in de winkel ligt.

8
  • Tien nieuwe personages
  • Nieuwe Ultra Combo’s
  • Zacht prijsje
  • Het blijft SF IV
  • Het blijft SF IV
  • Veranderingen zijn niet groot genoeg

Plaats een reactie


X
Lees meer over Super Street Fighter IV: