Day of Defeat: Source

Recensie | -

Day of Defeat is nooit goed geweest voor hoge verkoopcijfers. Het eerste deel werd door Activision uitgegeven, maar was ook gratis als Half-Life mod te downloaden. Het tweede deel, Day of Defeat: Source, kwam in september van vorig jaar via Steam uit en ligt pas vanaf deze maand in de winkel, dus de fans van het spel genieten er al een paar maanden van en zullen niet voor de winkelversie gaan. Maar dat het spel niet voor goede verkopen zorgt, betekent niet dat niemand het speelt, integendeel: beide Day of Defeat-titels worden op elk moment van de dag door duizenden spelers gespeeld.

Dat de verkoop van de Valve’s Source engine aan derden niet echt denderend verloopt, weerhoudt Valve er niet van om zelf nieuwe toptitels te blijven maken met deze engine. Eerst was Valve van plan om een simpele Source-port te maken van Day of Defeat: Source, met wat mooie physics en lichteffecten, maar uiteindelijk is er toch gekozen om het hele spel van de grond af aan op te bouwen, zoals ze eerder bij Counter-Strike: Source deden. Dit heeft wel als gevolg gehad dat het spel bijna een jaar is uitgesteld en toen het voor het eerst verscheen wat magertjes aan content was. Nu het spel in de winkel ligt beschikt het over een degelijk aantal speelvelden, ziet het er mooi uit en speelt het bijna zoals het hoort.

Eerst maar even doornemen wat voor spel Day of Defeat: Source is, want bij het grote publiek is het nooit echt bekend geweest. Day of Defeat: Source is een multiplayer-shooter met als thema de Tweede Wereldoorlog. Het spel kent geen singleplayer met sterk verhaal, zoals in Brothers in Arms, maar richt zich volledig op het online-element. Als speler kies je om te vechten aan de kant van de Amerikanen of de Duitsers. Ook moet je kiezen wat voor klasse soldaat je wilt zijn. Elke klasse draagt zijn eigen arsenaal aan wapens, variërend van rifles tot machine guns tot sniper rifles. Bij de meeste klassen is ook een maximum ingesteld zodat er variatie ontstaat aan het soort soldaten dat rondloopt. Elke klasse heeft wat sterke en zwakte punten en als geheel is het spel op dit gebied erg goed uitgebalanceerd.

Op het speelveld moet je op zoek naar vlaggen, meestal een stuk of vijf per speelveld. Door alleen of soms met een teamgenoot een paar seconden bij een vlag te staan, kun je een gebied opeisen. Vlaggen kunnen echter ook heroverd worden op dezelfde wijze, dus is het ook van belang dat de overgenomen gebieden worden bewaakt. Het team dat als eerste alle vlaggen in handen heeft, mag zich tot winnaar kronen. De opzet is simpel, maar erg sterk en de constante variatie tussen aanvallen en verdedigen zorgt voor een lange levensduur.

Day of Defeat vond ik vroeger altijd zo leuk omdat het spel zoveel om het teamwork draaide. In Day of Defeat: Source is onbewust een deel van dit teamwork verdwenen. De eerste verklaring hiervoor is dat de speelvelden allemaal net iets kleiner zijn en het overnemen van een vlag net wat sneller gaat. Leuk als je even voor tien minuten in een server wil zitten om zoveel mogelijk vijanden af te knallen, maar dit kan ook al in alle andere multiplayer-spellen. Je schiet ook veel sneller raak en gaat ook veel sneller dood, hierdoor respawn je dus soms twee of drie keer in één minuut, wat zeker ten opzichte van het origineel heel veel is. In het eerste deel was je soms vier of vijf minuten bezig met een groepje teamgenoten om een gebied te veroveren. Je vijanden gingen niet zo snel dood, maar jij zelf ook niet, en je deed er dan ook echt alles aan om jezelf en je teamgenoten in leven te houden. In Day of Defeat: Source merk ik vaak dat de tactiek om schietend op de vijandelijke vlag af te rennen, om hem in twee seconden over te nemen, nog helemaal niet zo slecht werkt. Na een stuk of vijf pogingen lukt het heus wel een keer. Doodgaan maakt toch niet uit, want dertig seconden later ben je toch weer waar je sneuvelde. Maar al is het allemaal wat simpeler en sneller dan in het vorige deel, Day of Defeat: Source blijft erg leuk en uniek om te spelen.

De meeste verbeteringen zijn echter te vinden in de graphics. Gebouwen zijn nu meer dan een grijs blok met wat gaten erin die ramen voor moeten stellen. De werelden zijn mooi gevormd en geven een realistisch beeld van de Europese dorpjes die ze voor moeten stellen. Ook liggen er overal voorwerpen, zoals bekers, kratten en zelfs schoenen. Alles reageert correct volgens de physics engine, dus niet op de plastic manier van Counter-Strike: Source, waar je niet eens op een tafel kunt staan zonder er af te vallen. De wapens zijn mooi maar hadden nog wel een stuk mooier gekund als je bijvoorbeeld naar andere Source-games zoals Half-Life 2 kijkt. Day of Defeat: Source is overigens ook de eerste Source-titel waarin high dynamic range lighting gebruikt wordt, waardoor de zon op realistische wijze aanwezig is in alle speelvelden. Maar al dat moois komt wel met een duur prijskaartje en dat is dat het spel online nog steeds niet helemaal soepel speelt, net zoals de andere Source-spellen dus. Soms hang je even twee seconden stil of duiken je frames per seconde voor korte tijd onder de tien.

Conclusie en beoordeling

Het oordeel van Sander Stricker

Day of Defeat: Source is een titel die veel goed doet, maar het op hetzelfde moment ook op een aantal punten laataf weten. Bekijk je het als een totaal nieuwe titel, dan is het een schitterend spel met een aantal unieke spelelementen. Maar wanneer je bekend bent met het vorige deel, zul je toch een paar dingen missen op het gebied van teamplay en de sfeer die het spel uitademt. Day of Defeat: Source is een leuke titel en veegt alsnog de vloer aan met veel andere Tweede Wereldoorlog shooters op het gebied van de multiplayer-modus, maar beter dan het origineel is het jammer genoeg niet.

7
  • Nog steeds leuk
  • Goede physics
  • Mooie speelvelden
  • Te snelle gameplay
  • Minder teamwork dan voorheen
  • Technisch onstabiel

Plaats een reactie


X
Lees meer over Day of Defeat: Source: