1. Het Dongense volk

Het Dongense volk

Mijn drumvaardigheden deel ik zo nu en dan met de buitenwereld door middel van een percussie-ensemble. Om de zoveel tijd geef ik dan, samen met een stuk of vier anderen, een optreden bij kleine festivals of markten. Zo ook in Dongen, een charmant plaatsje waar een kleine markt is georganiseerd.

Met mijn moeder reis ik naar een pleintje in het midden van het dorp. Er is een tiental kraampjes uitgestald waar verschillende etenswaren worden verkocht. Uit boxen langs de randen van de winkels klinkt hopsaheisa-muziek, terwijl aan het einde van het plein een podium is opgesteld. Een klarinet klinkt zachtjes door het kabaal van het publiek heen om te eindigen in een lange, klagende toon.

De leden van mijn ensemble staan verzameld rond onze leraar, Marius Spikmans. Ik loop erheen en hoor de enigszins overbodige herbespreking van de nummers aan. Een popgroep is ondertussen druk bezig om het podium te verbouwen. Het valt me op dat alle leden een kilogrammetje te veel wegen. Vooral de zangeres, die zich op dit moment naar de hoek van het podium begeeft waar ik dichtbij sta. Ze bukt zich om haar tekst te pakken, daarbij haar veel te strakke spijkerbroek ophijsend in een vergeefse poging de lichtblauwe rand van haar onderbroek te verbergen. Ik trek mijn wenkbrauwen op en kijk vlug weg.

Na een tijdje is de band klaar om te beginnen. Ze spelen een nummer waarvan ik de melodie vaag herken. De gitaar staat echter geheel fout ingesteld waardoor deze het liedje domineert. De zang is dan ook moeilijk te verstaan en het duurt even voordat ik realiseer dat ‘zie wil belooft’ eigenlijk ‘she will be loved’ betekent.

Het publiek is zo bescheiden om een meter of drie van het podium te blijven staan. Enkel één persoon durft deze linie te verbreken. Een vrouw wier gezicht duidelijk verwantschap vertoont met een grindtegel staart met een idiote uitdrukking en haar mond wijd open gefascineerd naar de zojuist beschreven zangeres. Dan besef ik pas dat dit iemand is met het syndroom van Down. Als het mongooltje zich begint te vervelen loopt ze naar een vrouw die blijkbaar haar moeder is. Ik kan met moeite mijn gezicht in toom houden, aangezien moeders een taillemaatje heeft dat op kan boksen tegen dat van een fors walvisjong. Ze neemt het mongooltje liefdevol onder haar hoede, waggelt terug naar de etenskraampjes om nog wat extra vetreserves op te doen en verdwijnt in de menigte.

Geamuseerd orden ik mijn bladmuziek en pak ik mijn drumstokken. Ik ben benieuwd wat voor volk míjn optreden aantrekt.

Dit artikel delen

Over de auteur