1. Een steuntje in de rug

Een steuntje in de rug

Mannen praten graag over voetbal, of over het verkeer. Vrouwen praten voornamelijk over andere vrouwen. Allemaal bespreken we regelmatig het weer. In de rij bij de bakker en slager, langs het voetbalveld en in de trein. Als het even kan laten we het niet bij praten, even lekker je gal spuien over de kou (of de hitte, het is natuurlijk nooit goed), het verkeer (die verdomde files!) of het voetbal (Het was weer niks met Feyenoord) En als je het even niet meer weet begin je gewoon over een willekeurig Tv-programma. Paul de Leeuw, Studio Sport, Boer zoekt Vrouw, de kans is groot dat je gedwongen gesprekpartner ook kijkt, of op zijn minst kan doen alsof. Het zijn makkelijke onderwerpen om ongemakkelijke stiltes te voorkomen, je hebt het immers niet met iedereen over dat blauwtje laatst in de kroeg, de gecompliceerde relatie met je ouders en de laatste roddels binnen je vriendenploeg.

Ben je treinforens, dan mis je ongetwijfeld een favoriet inkoppertje in deze inleiding. Het treinverkeer. Heeft de NS je weer eens een uur in de kou laten staan? Werd je spoorwijziging niet omgeroepen? Begaf je trein het halverwege op weg naar bestemming, waarna niet restte dan te wachten op een verlaten station zonder enige voorzieningen? Het is het favoriete onderwerp van iedere treinreiziger, het openbaar vervoer en al zijn onhebbelijkheden.

Nu wil ik daar toch graag wat nuance in aanbrengen. Het reizen met het openbaar vervoer, met name de trein, heeft namelijk ook vele hebbelijkheden! De saaie, clichématige argumenten die Minister Eurlings met regelmatig in de media bezigt zal ik achterwege laten. Nee, in de trein, daar maak je nog eens wat mee! (NS, schrijft u mee?)

Ik hou van mensen (en van hobby’s). Ik ben een peoples-person. De trein is de ideale locatie voor wat quasi-menselijk contact met medereizigers. Je hoeft er zelfs geen woord voor te spreken! Zet om te beginnen die MP3-speler eens uit. Het zal je verbazen wat mensen bespreken in de trein. Dat blauwtje in de kroeg waar ik even geleden over sprak? Geen probleem! Wat heeft vriendin X tegen vriendin Y gezegd? Dat meen je niet! Wat erg! Wanneer een viertal puberende meisjes, overduidelijk zwaar geïndoctrineerd door het gemiddelde MTV-programma (die reuzeinjectienaaldtheorie is zo gek nog niet!), het gehele traject Utrecht-Arnhem over kapsels praten, beweeg ik in Arnhem weer fris en fruitig over het perron. Daar komt bij dat ik nu volledig op de hoogte ben wat betreft permanenten, krullen, kleuren en pony’s (niet die van paarden), wie weet komt dat nog eens van pas.

Met een beetje geluk kom je verder dan de serieus bedoelde, onbedoeld erg grappige, gesprekken van je NS-medemikpunten. Nog niet zo lang geleden kon ik na een lange sprint nog net een plekje bemachtigen in een altijd volle spitstrein. Toen ik opkeek van mijn zwaarbevochten zitplaats keek ik recht in het gezicht van een tweetal nonnen. Ook God is immers begaan met het fileprobleem. Blijkbaar waren deze nonnen op de hoogte van mijn uitputtende hardloopactie van een aantal minuten eerder (Wellicht een seintje van boven?), want ik was nog niet uitgehijgd of ik kreeg een pepermuntje aangeboden. Wilhelmina pepermunt, zoals mijn oma die tot een paar jaar geleden nog kocht. Het kan natuurlijk ook mijn slechte adem geweest zijn die de non tegenover mij tot dit aanbod verleidde, ik vermoed echter dat het gewoon de goedheid Gods was. Na de bijbehorende beleefde uitwisseling van enkele woorden en het veinzen van enige interesse in het celibaat ben ik, nog net niet zalig verklaard, christelijk gezind de fiets op gestapt.

Toen ik vandaag het ouderlijk huis binnenliep, was het eerste dat mijn (liefhebbende) moeder tegen mij zei: “Wat ruik je lekker!” Nu is dat op zich niet zo verwonderlijk, ik ruik namelijk regelmatig lekker. Dit keer was de geur die mij omringde echter veroorzaakt door een uiterst hygiënische medereizigster die naast me plaatsnam. Enkele seconden nadat ze plaatsnam opende ze haar (te grote) tas. Uit deze tas kwam een metalen koffertje. Zo’n koffertje waarin de gemiddelde Rob Geus zijn keuringsbenodigdheden verzameld. Na een nieuwsgierige blik op de inhoud van dit koffertje constateerde ik dat deze dame minstens 8 verschillende zalfjes, sprays en/of balsems bij zich had. Gedurende de 20-minuten durende treinreis heeft zij (in chronologische volgorde) haar handen, onderarmen, gezicht en de wallen onder haar ogen ritmisch bewreven met deze substanties. Een geurend mengsel van Nivea, Dove en opperhuid verspreidde zich door de coupe, onder het geluid van een ergerlijk symfonisch contact van handen met andere lichaamsdelen. De buitenlucht was nog nooit zo fris.

Dus, wil je de volgende keer in de rij bij de bakker je hoogstwaarschijnlijk onvrijwillige gesprekspartner verrassen met een onverwacht en onschuldig praatje over wat je hebt meegemaakt, reis eens met de trein!

Dit artikel delen

Over de auteur