1. This Is The Life

This Is The Life

Gevoelens zijn moeilijk te uiten op papier en vooral wanneer je het typt. Zelf heb ik al een paar keer mijn gevoelens geprobeerd te uiten in een weblog, vandaag probeer ik het nog een keer want wéér zit er iets me vreselijk dwars. Om het gevoel goed op papier te brengen zal ik beginnen bij het begin.

Het begon gisteren op een zaterdag dat ik vroeg moest beginnen met werken, nog niks aan de hand. Totdat het moment dat ik thuis kwam en onder de douche stapte en me afdroogde, bij mezelf dacht ik: waarom doe ik dit werk? Ik vind er geen hol aan? Nu werk ik sinds een week bij de McDonald’s in Joure en daar heb ik het totaal niet naar me zin, ik werk zeven uur op een dag met één echte pauze van een half uur (!). The lights are green and we are off! Go! Go! Go! De dip was onderweg.

*Spoiler alert!* *Spoiler alert!* *Spoiler alert!* *Spoiler alert!* *Spoiler alert!* *Spoiler alert!*

Toen werd het zaterdagavond: Samen met mijn twee zussen en aanhang zouden we een filmpje kijken. Het was een tweede wereldoorlog film getiteld: “The Boy With The Striped Pyjama”, ingedeeld in het genre drama. Niets mis mee en kan ik altijd wel waarderen en toen de film begon was er ook nog niet zoveel aan de hand. De film gaat over een Duits gezin en dan met name over het jongetje van acht jaar: Bruno en over hoe hij de oorlog beleefd. Wanneer zijn vader promotie krijgt verhuizen ze van Berlijn naar het platteland, eenmaal aangekomen ziet Bruno vanuit zijn slaapkamerraam een “boerderij”. Het blijkt geen boerderij te zijn maar een vernietigingskamp, ik hoef niemand uit te leggen wat daar gebeurde in de tweede wereldoorlog. Bruno gaat op een dag op “ontdekkingsreis” en komt via de achtertuin en het daar achterliggende bos bij het hek van het kamp. Daar ontmoet hij Schmuel, een joods jongetje dat vastzit in het kamp, en Bruno bouwt een vriendschap op met Schmuel. Wanneer de vader van Schmuel zoek is heeft Bruno het idee om hem te gaan zoeken. Maar ja, Bruno kan niet zomaar in zijn deftige kleren het kamp binnenwandelen. Nee, ze komen tot een plan. Bruno zal een gat graven onder het hek door en Schmuel zal kleren voor hem meenemen en zo kruipt Bruno onder het hek door en gaan ze opzoek. Schmuel stelt voor om eerst in hun eigen barrak te kijken. Precies op dat moment word de barrak leeggehaald door de Duitsers en gaan ze op weg… De Duitsers noemden het: douchen. Op dat moment komt de moeder van Bruno erachter dat hij zoek is een gaan ze opzoek. Ze komen erachter dat hij in het kamp zit en omdat zijn vader de kampleider is zijn ze snel ter plaatse. Toch zijn ze net te laat en wordt Bruno samen met Schmuel en zijn mede Joodse kampgevangen vergast, wat voelt dat rot om te zeggen trouwens.

De film heeft bij mij zo’n indruk achtergelaten dat die maar niet weg wil gaan, het zit gewoon vast in mijn lichaam om het zo te zeggen. En dat gevoel is het idee dat er erge dingen met je kunnen gebeuren of zijn gebeurd in de wereld. Telkens weer wanneer ik aan iets vrolijks denk kom uit op: Oh dan kun je vergast worden, dan kun je opgehangen worden, dan kun je verongelukken. Beter gezegd komt ik steeds uit op, om het zo maar te zeggen: de dood. Het klinkt kut en het is kut, sorry voor dit taalgebruik maar dat is het nu eenmaal en daardoor kan ik niet goed slapen en voel ik me de hele tijd zenuwachtig.

Ik heb het er geprobeerd uit te praten en dat luchtte op voor een kwartier, toen heb ik geprobeerd er het eruit te fietsen en ben ik wel de hele middag weggeweest waardoor ik Formule 1 heb gemist, dat gebeurt me zelden. Verder leek alleen muziek me echt rustig te houden en dan bedoel ik echt alle soorten muziek, of het nu tranentrekkende Tears In Heaven was van Eric Clapton of een vrolijk Beatles nummer, alles maakte me rustig. Maar dat was alleen wanneer ik dus muziek hoorde. Als laatste probeer ik het eruit te schrijven en tot nu gaat dat goed en heb ik er niet zoveel last meer van. Misschien komt het ook wel doordat de oven aanstaat en er zometeen overheerlijke lasange wordt gemaakt.

Dit artikel delen

Over de auteur