1. De dag van morgen

De dag van morgen

‘Wat ga jij later doen?’; ik weet het niet. Ik weet nu nog niet wat ik later ga doen als ik mijn VWO diploma heb. Moet ik me hier zorgen over maken? Nee. Ik zie later wel wat ik later ga doen. Niet vandaag. Niet op een dag waarop het 29 graden is en de vijver bijna compleet verdampt is. Arme visjes. Zij weten wel wat ze later gaan doen, binnenkort misschien al. Nadeel van die visjes is dat als zij het weten, ze het binnen een paar seconden weer zijn vergeten. Erg veel mogelijkheden hebben zij niet; er is geen wereld buiten de vijver.

Die arme kleine dementerende visjes hebben geen idee van de wereld buiten hun vijver. Wat die grote ronde bollen zijn die de hele tijd over de rand van hun wereld buigen. Ach ja, ze weten dat die ronde bollen voor het eten zorgen. Honger hebben is een van de weinige gevoelens die een vis moet hebben. De andere twee zijn angst en jaloezie. Jaloers zijn op elkaar, constant de concurrentiestrijd aangaan met elkaar. Vechten om dat ene vrouwtje dat nog niet zwanger is. Nog niet. Angst voor de wereld aan de andere kant van het wateroppervlak. Niet weten wat al die grote vlekken zijn die over de vijver bewegen en dan weer verdwijnen alsof ze er nooit geweest zijn. Ach.. die kleine visjes hoeven ook niet te weten wat die ronde bollen zijn. Zolang ze maar gevoed worden.

Angst.. Welke arme drommel heeft er nou daadwerkelijk angst voor de toekomst? Ik niet. Ik zie het wel. Ik heb meer angst voor een spruitje dan voor mijn toekomst. En dan vind ik spruitjes nog niet eens zo vies als de gemiddelde Nederlander. Eten. Er zijn zeven dagen in de week, voor mij telt alleen het feit dat ik elke dag iets anders eet. Vijf of zes keer in de week aardappelen met worst.. alleen de meest conservatieve inwoners van ons kleine kikkerlandje doen dit. En degenen die de voedselbanken bezoeken, denk ik. Ik ben er nog nooit geweest. O ja.. die kleine visjes. Die maken het nog iets bonter. Brokken en vliegjes, zelfs honden hebben een gevarieerder menu.

Wat die visjes voor een toekomst hebben interesseert ze niet. Dat telt misschien voor mij wel net zo zwaar als voor hun. Ik leef op het moment. Ik zie het wel. Mijn toekomst hoeft nu nog niet vast te staan, zoals dat bij mijn visjes in inmiddels bijna uitgedroogde vijver wel zo is. Mijn buurjongen zit een paar niveaus lager. Hij gaat later schilder worden, dat staat nu al vast. Hij was liever gameverkoper geworden. Helaas heeft hij niet de mogelijkheden die ik wel heb. Dat is de luxe van het VWO. Waar anderen nu al opleidingen volgen en hele dagen hetzelfde doen, krijg ik jaren en jaren de tijd om rustig alles te overdenken. Het is geen keuze die mijn leven gaat bepalen. Ach ja.. misschien is die keuze ook helemaal niet belangrijk voor mijn buurjongen. Zo lang hij gelukkig is, maakt dat niet uit. Hij krijgt elke dag te eten, hij werkt, en sterft. Hij hoeft er niet bij na te denken, hij zou het waarschijnlijk ook niet kunnen bevatten. Misschien gaat de vergelijking met vissen voor hem op. Hele dagen hetzelfde doen, zonder je er zorgen of druk over te maken. Aan de andere kant, ik zwem ook maar wat rond. Ik denk niet na over de dag van morgen.

Dit artikel delen

Over de auteur