1. De Wachtruimte

De Wachtruimte

De kleur van de muur is wit, witter dan een sneeuwvlokje in een naar beneden denderende lawine. De stoeltjes zijn zwart, zwarter dan een regendruppel in een bewolkte nacht. De doktersruimte is bijna geheel verlaten, maar ik zit er nog, op mijn zachte zwarte stoel met beenleuning. Heerlijk. Tegenover mij zit hij, met zijn handen gevouwen te wachten op het moment waarop de secretaresse zijn naam opnoemt. Het moment lijkt eeuwen ver weg, hij lijkt mij te zien. We zeggen elkaar niks, de witte muren spreken voor ons. Wit gecombineerd met zwart, de mooiste kleurencombinatie die bestaat, het kunnen namelijk alle bedenkbare kleuren geweest zijn. Stil. Stil in de wachtruimte.

Hij komt de zaal binnenlopen. Een paar bekenden, een paar snelle bedankjes. Dan loopt hij door richting bar, aangezien zijn vaste vriendengroep op een iemand na nog niet aanwezig is. De ander moest bij binnenkomst meteen urineren. Drankje, duelletje, nog een drankje. Het genot van de drankjes is zichtbaar, gesponsord door Grolsch, Heineken en die anderen. Leuk. Misschien Hertog Jan, het maakt niet heel veel uit. Terwijl zijn kameraad eindelijk uitgeblust is en aan komt lopen, is het al tijd voor het derde biertje in de ondertussen goed gevulde zaal. De zaal is verlicht door alle bedenkbare kleuren, zie ik.

Ondertussen kijk ik een beetje door het raam naar buiten. De lucht is zwart. Ik weet niet wat ik van hem moet vinden, ik vind het een beetje raar. Hij staat er om bekend veel verbanden te kunnen leggen, verbanden tussen de meest onlogische zaken, om ze op deze manier te verklaren. Hoe kon hij dit geval dan niet verklaren, hoe kon hij zo radeloos voor zich uit staren? ‘Geniet maar drink met mate’, zie ik wel eens voorbij komen op televisie. Die verklaring zou echter te simpel zijn, te voor de hand liggend, te makkelijk om waar te zijn. Hij was zeker niet dronken of zelfs aangeschoten, hij had een leuke avond. De lucht is zwart, de sterren versluierd achter een onzichtbaar wolkenpak

Het valt hem op dat de zaal wit gekleurd is, eigenlijk nog te bekladderen met allerlei kleuren. Het zou het plafond in ieder geval sfeervoller maken dan dat de sfeerlichten dat op het moment doen. Maar er is iets anders dat hem afleidt, iets dat de muren aan de kant weet te drukken. Hij hoort wel eens dat hij er om bekend staat verbanden te kunnen leggen tussen allerlei onlogische zaken, dit was echter compleet onverklaarbaar. Een een tweetje, een beetje lachen, opmerkingen op het scherpst van de snede, niet te begrijpen voor de anderen. Hij wist niet dat er mensen te vinden waren op het feestje die een razendsnel rollenspel konden begrijpen of zelfs in konden vullen. Hij vond het. De verbanden waren snel gelegd, het werd een leuke avond. Wit werd rood, rood werd blauw en blauw werd geel, de muren werden ingekleurd.

Hij kijkt me nu aan vanuit zijn wachtstoeltje. Het is duidelijk dat hij het niet gemund heeft op mijn luie ligstoel, maar op mijn ogen, hij probeert iets duidelijk te maken, maar het lukt hem niet. Iets onbevattelijks, hij weet niet of zij hem ook leuk vond, hij heeft wel een sterk vermoeden. Kussen doet geen pijn, afwachten wel, verteld hij mij. De enige draad die hij op het moment kan vastpakken is zijn gevoel. Iets waar hij niet zoveel voor voelt. Hij balanceert tussen wit en zwart, nog niet wetend welke kant hij op gaat vallen. Maar eigenlijk is het zo simpel, zo voor de hand liggend, het verband valt te leggen. Hij weet blijkbaar nog niet hoe hij moet leggen, ik zal het mijzelf proberen uit te leggen.

Wit kan gekozen worden, maar leidt uiteindelijk altijd tot zwart. Het diepe, het onvermijdelijke. Blijf lekker zitten en geniet van de show, van het gevoel.

De secretaresse noemt zijn naam en hij haast zich richting een misschien wel heel mooie toekomst.

Dit artikel delen

Over de auteur