1. Liever Turks dan Paaps

Liever Turks dan Paaps

http://nl.wikipedia.org/wiki/Liever_Turks_dan_Paaps

De Turk tolereert alle religies.

– Willem van Oranje

De steun van de sultans aan Nederland.

1566, Sultan Suleyman I

Hij bood de Nederlanden financiële en militaire hulp op verzoek van de grootvader van de vrouw van Willem van Oranje, de landgraaf van Hessen.

1574, Sultan Selim II

Stuurde een speciaal agent die belangrijke contacten had om bepaalde problemen van Nederland op te lossen. Verder stuurde hij een Ottomaanse gevechtsvloten toe om Spanje aan te vallen en af te leiden, zodat de druk kon af nemen bij de aanvallen van Spanje op Nederland.

1588, Sultan Murat III

Armade in die tijd een van de grootste Spaanse gevechtsvloot was onderweg naar Nederland en Engeland. Op het verzoek van de Nederlandse prins Willem van Oranje en de Engelse koningin Elizabeth I, stuurde sultan Murat III troepen toe om deze aanval af te weren. De Turkse troepen vielen deze gevechtvloot aan en beschadigde deze zodanig dat het doel van deze vloot niet meer bereikt werd. De Engelse gingen met de overwinning vandoor door de genadeklap uit te geven aan een vloot die half kapot was en moeilijk kon varen.

1603, Dankbaarheid van de Nederlandse prins !

Prins Maurits heeft ter herinnering een plaats(en) in Zeeland ”Turkeye” benoemd, die tot op heden zo bestaat.

1612, De eerste die de onafhankelijke Nederlandse Repuliek erkende!

Als tegenprestatie voor de thuisbezorgde Ottomaanse galeilieden nodigt de Ottomaanse minister van Marine een Nederlandse diplomaat uit om naar Istanbul te komen. Deze minister Halil Pasha nodigt in 1610 een ambassadeur uit, waarna Cornelis Haga de eer krijgt om per 1612 de eerste ambassadeur van de Nederlanden in het Ottomaanse Rijk te zijn. Dit terwijl de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden op dat moment officieel nog niet uitgeroepen was, hiermee valt het Ottomaanse Rijk de eer als eerst de opstandige Hollanders te accepteren als een onafhankelijk land en tegelijk de diplomatieke betrekkingen aan te halen.

Toespraak van Hare Majesteit Koningin Beatrix tijdens het diner ter gelegenheid van het staatsbezoek van de President van de Republiek Turkije, de heer Ahmet Necdet Sezer, en mevrouw Sezer aan Nederland, 3 april 2001.

Mijnheer de President,

Het is voor mijn man en mij een groot genoegen U en Mevrouw Sezer in Nederland welkom te heten. Wij waarderen het zeer dat U Uw eerste staatsbezoek aan een lidstaat van de Europese Unie aan óns land brengt. Opmerkelijk is dat dit bovendien het eerste staatsbezoek is dat tussen onze landen plaatsvindt. Dat wil overigens niet zeggen dat onze betrekkingen van recente datum zijn. Integendeel, ze gaan bijna vierhonderd jaar terug.

De strijd toen, tegen de gemeenschappelijke vijand, de Spaanse Habsburgers, maakte ons al vroeg tot lot- en bondgenoten. De leider van de Nederlandse opstandelingen, Willem van Oranje, zocht contact met de heerser van het Ottomaanse Rijk, dat toen tot de grootste onder de grote mogendheden van Europa behoorde. Zijn aanbod tot samenwerking vond een gunstig onthaal en zo ontstonden bijna vier eeuwen geleden de diplomatieke betrekkingen tussen de jonge Republiek en de Verheven Porte. In al die eeuwen zijn deze betrekkingen nooit onderbroken geweest door oorlog, een welhaast uniek feit in de geschiedenis van ons zo vaak door conflicten verscheurde continent.

Aan de Nederlandse belangstelling voor Turkije lagen niet alleen politieke, maar ook commerciële motieven ten grondslag. Het Ottomaanse Rijk maakte op economisch en cultureel gebied een bloeiperiode door. Het hoge peil van de Turkse cultuur uitte zich in unieke gebouwen, kunstschatten en producten van artistieke nijverheid. Veel Nederlandse schilderijen uit onze Gouden Eeuw laten zien hoe welvarende burgers hier zich Turkse koffie en tabak veroorloofden en hun huizen verfraaiden met Oosterse tapijten. De Nederlandse ambassadeurs in Istanbul ontdekten bovendien de prachtige Ottomaanse manuscripten. Een aantal daarvan hebben een plaats gevonden in Nederlandse bibliotheken, zoals U tijdens Uw bezoek aan de Leidse Universiteitsbibliotheek zelf zult kunnen zien.

Het kleurrijkste en meest blijvende aspect van onze commerciële uitwisseling was ongetwijfeld de tulpenhandel. In de zeventiende en achttiende eeuw werd het kweken van tulpen in onze beide landen een ware passie. De tulp, oorspronkelijk geïmporteerd uit Turkije, is in latere jaren een symbool van de Nederlandse identiteit geworden dat nu in de hele wereld bekend is.

In die tijd was het Ottomaanse Rijk, zeker vergeleken bij het Europa van toen, een voorbeeld van tolerantie en culturele veelzijdigheid. Vervolgde minderheden uit andere landen vonden er een plaats en de eigen minderheden genoten er een grote vrijheid. Dit alles illustreerde het hoge morele niveau van de Ottomaanse beschaving. Ons land, dat eveneens vervolgden uit andere landen opnam en tolerantie en godsdienstvrijheid voorstond, waardeerde deze aspecten van de Turkse samenleving zeer. De veelzijdige Nederlandse schrijver en denker Coornhert, één van de grote pleitbezorgers van religieuze verdraagzaamheid, wees er op dat de Turken in tegenstelling tot andere volken, de godsdienst van de verslagen Christenen respecteerden. De halve maan, bekend van de Turkse vlag, werd door de Nederlandse protestanten gebruikt als symbool van hun streven naar godsdienstvrijheid.

Dit artikel delen

Over de auteur