1. Aestas Inferna Part 7

Aestas Inferna Part 7

Op veler verzoek (Somin) keert Aestas Inferna terug. Ik heb nog een shitload aan verhaal dat ik wil vertellen, dus ik ga gewoon weer verder waar ik gebleven ben. HOPPA!

Part 7 De moderator

Snipert bekeek zichzelf eens goed in de spiegel, het harnas dat de orde voor hem gemaakt had paste precies. Het goud schitterde in het zonlicht dat door de erkers kwam. Zijn scharlakenrode mantel lag voor hem, hij sloeg hem om en pakte zijn zwaard. Het verbaasde hem hoe koel het harnas bleef bij de zinderde hitte. De helse zomer was niet afgenomen, zijn gedachten gingen naar zijn vader en hoe deze nu moest overleven. Hij zuchtte en zette het van zich af, zijn vader zou nu bij heer Buwalda in dienst zijn. Het zou prima gaan met hem. Het was nu drie weken geleden dat ze in Igianië aan kwamen, drie weken sinds Moderator Raem hem aangetroffen had in het huis van zijn oom. Drie weken geleden sinds de Kanselier Jaylee hem officieel tot moderator had benoemd voor het redden van zijn dochter Monniejj. En tevens drie weken geleden sinds hij haar voor het laatst had gezien. Hij pakte zijn gloednieuwe zwaard van Illyrisch staal op en liep zijn vertrekken uit, Administrator Triforcehero had om hem gevraagd.

Terwijl hij door de gangen van het hoofdgebouw van de moderator orde liep probeerde hij zich de namen bij de gezichten te herinneren. Hij kwam Ser Raem tegen, die hem vriendelijk groette. Snipert gaf een knikje terug en zag even verderop Ser Rik staan. Dat was ook een administrator, maar een stuk minder vriendelijk dan Ser Triforcehero. Toen Jaylee Snipert als moderator benoemde was Rik kwaad de zaal uitgestormd. Later hoorde hij hem tegen Ser Triforcehero schreeuwen dat Jaylee niets te maken had met de benoemingen van moderators. De groepering had kennelijk altijd als los orgaan gefunctioneerd, zij regelden hun eigen zaken. Bemoeienis van de senaat was uitgesloten sinds het verraad van degene die niet genoemd mocht worden. Snipert had zich terug willen trekken, maar Ser Triforcehero had er niets van willen horen. Naast de benoeming van de kanselier was volgens hem de eed die hij aan de overleden Ser Choqo had gezworen ook meer dan genoeg reden om hem op te nemen in de orde der moderators. Snipert wilde eigenlijk gewoon op zoek naar zijn oom Aiii, die nog steeds vermist was, maar daar zou hij geen tijd voor hebben. Verderop in de gang kwam hij Ser Radiant tegen, een mysterieus persoon waar hij eigenlijk niet zoveel over wist. Hij had geruchten gehoord van verschillende moderators over zijn bijzondere gaven. Kennelijk was deze Radiant altijd op de plek waar hij hoorde te zijn. Dat klonk Snipert toentertijd maar vaag in de oren, maar Ser Henkie had hem verteld dat Ser Radiant een afstammeling was van de Silvergun Clan, een volk dat sinds mensenheugenis in de Segavallei had gewoond. De stam stond bekend om hun precognitieve vaardigheden. Snipert had hier nog nooit van gehoord, maar Henkie had uitgelegd dat sommige leden van de stam visioenen kregen. Visioenen over mogelijke toekomstige gebeurtenissen. Het verbaasde Snipert dat ook niets dat de Silvergun Clan als enige Ragnarok had overleefd. De mysterieuze gebeurtenis waarbij de complete Segavallei verwoest werd en in een woestijn veranderde. Snipert merkte opeens dat hij terwijl hij in zijn gedachten verzonken was voorbij de deur van Triforcehero was gelopen, hij draaide zich en liep een stukje terug. Hij klopte op de deur en kreeg toestemming binnen te komen.

Eenmaal binnen zag hij de administrator staan, met aan zijn zijde een man die hij nog nooit eerder gezien. Aan het gouden harnas en de rode mantel te zien moest het ook een moderator zijn. Toen de onbekende man zich omdraaide begon hij te glimlachen en stak zijn hand. “Snipert neem ik aan, je reputatie snelt je voor.” Snipert wist niet wat hij hiermee aan moest en stond hem een beetje schaapachtig aan te kijken. “Zeg nou zelf Snipert, niet iedere moderator redt een kanseliersdochter en verslaat een compleet dorp vol bandieten, verkrachters en bannelingen.” Snipert bedankte de onbekende moderator en begon zich redelijk ongemakkelijk te voelen. Triforcehero viel het op en onderbrak de ongemakkelijke stilte. “Snipert, mag ik je voorstellen aan Ser Orange. Een collega moderator die de afgelopen maanden aanwezig is gebeurt om verschillende gebeurtenissen in het omliggende land te onderzoeken.” Snipert had al gehoord dat niet elke moderator altijd op het hoofdkwartier was. Sommigen hadden de titel stadhouder, terwijl anderen hun eigen missies uitvoerden. Radiant Silvergun was ook zo’n persoon. Die was altijd zijn eigen ding aan het doen, maar als het nodig was, dan was hij er. Ondertussen waren de drie moderators gaan zitten en begon Triforcehero uit te leggen waarom hij beide mannen bij zich had gevraagd. Kennelijk hadden de moderators al enige tijd niets meer gehoord van Kers, de moderator die het stadhouderschap van de stad Zevenburcht bekleedde. Daarnaast kwamen er vreemde berichten uit de regio van schepen met zwarte zeilen en rare vliegende wezens. Genoeg reden om een aantal moderators daar naartoe te sturen om op onderzoek uit te gaan. Na de briefing excuseerde Ser Orange zich direct, hij had nog een aantal dringende zaken te regelen voor hun vertrek de volgende ochtend. Terwijl Orange de deur uit stapte vroeg Ser Triforcehero Snipert om nog even te blijven.

“Je zal je vast afvragen waarom ik jou op deze missie stuur.” Snipert had zich dat tijdens het gesprek inderdaad afgevraagd. Hij was slecht drie weken moderator en er waren veel ervarener moderators voor een dergelijke missie. Snipert was nog geen geweldig zwaardvechter en met dat harnas aan voelde hij zich net een olifant. “De eerste reden is omdat een missie als deze een ideale manier is om meer ervaring op te doen. Je redt je aardig tot nog toe, beter dan vele andere eerste rekruten. Maar om een echte moderator te worden moet je een moderator zijn. Dat zul je leren op de weg, en Ser Orange zal je daarin ook helpen. Hij is een geweldige leermeester, dus let goed op wat hij zegt. Snipert knikte terwijl Triforcehero zijn relaas vervolgde. “Daarnaast stuur ik je mee omdat je pas net een moderator bent. Je bent nog niet beïnvloedt door de innerlijke politiek, de verschillende groeperingen binnen de orde.” Snipert wist niet waar Triforcehero het precies over had, hij had de moderators altijd gezien als een eenheid. “Onze heilige missie staat vast, bescherm de senaat en zijn republiek. Maar met welke middelen is iets wat onze eigen invulling nodig heeft. Sommige van onze broeders zouden een iets agressievere manier van werken willen hanteren.” Snipert had een donkerbruin vermoeden dat Ser Triforcehero niet in die categorie zou vallen. “Maar genoeg over deze zaken, je hebt morgen je eerste echte missie. Bereidt je voor, zorg dat je zaken hier afgehandeld zijn en maak de moderators trots op het feit dat ze jou een broeder noemen!” Snipert bedankte hem voor de eer en liep de deur. Hij had slechts één ding dat hij moest afhandelen.

Hij had Monniejj in de drie weken na hij aangekomen was slecht twee keer gezien. Een maal tijdens zijn beëdiging als moderator en later zag hij haar een keer langs lopen met haar vader. Beide keren had hij niet met haar kunnen praten, maar ze had wel een brief gestuurd. Daarin stond dat hem er erg mooi uit vond zien in zijn harnas en ze het jammer vond dat ze elkaar nooit meer spraken. Daarnaast stonden er ook nog wat zaken over haar studie en dergelijke die Snipert wat minder interessant vond. Het meest opwindende van de brief was nog wel de kusafdruk van haar lippenstift die ze op het papier had gedrukt. Één rode kus… wat dat precies betekende was voor Snipert een mysterie. Vond ze hem leuk? Of beschouwde ze hem gewoon als een goede vriend? Hoe dan ook, hij moest haar zien te spreken. De afgelopen weken waren de nachtmerries alleen maar erger geworden. De lijken van zijn vader, oom en Marcel. Het brandende huis en Monniejj die weggesleept werd. Hij had bijna een blik kunnen werpen onder de donkere mantel van de mannen die hem tegenhielden Monniejj te redden, maar hij werd elke keer net daarvoor wakker. Hij begon steeds meer te geloven dat de nachtmerrie meer was dan alleen een droom. Misschien was het wel een soort visioen, zoals Radiant die ook kreeg. Hij moest Monniejj nog een keer spreken en haar vertellen over wat haar misschien te wachten zou staan.

Terwijl hij door de poorten naar Het Marmer liep besloot hij dat zijn moderatorschap zeker niet zonder nadelen was. Als doodnormale aardappelboer had hij nooit in dit gedeelte van de stad kunnen komen. Maar door zijn goudglanzende harnas lieten de wachten hem zonder problemen door. Terwijl hij op zoek was naar de ambstvilla van de kanselier hoorde hij opeens zijn naam. “ Hey Snipert, zeggen we niets meer ofzo?” Voor hem stond een meisje met een donkere huid. Hij moest even kijken voordat hij Chiz zowaar ontwaarde. Maar het was niet de Chiz die hij drie weken terug door de stadspoorten had gevoerd. Ze had een dure zijden japon aan, in plaats van de tijgervellen die ze normaal droeg. Daarnaast waren haar haren gewassen en gevlecht en had ze haar langboog kennelijk aan de wilgen gehangen. “Chiz! Ik herkende je bijna niet?!” Chiz moest lachen en gaf Snipert een knuffel. “Nee dat deed ik ook niet nadat ze me deze rare kleren hadden aangemeten. Ik heb bijna nog iemand vermoord toen ze me in bad wilden stoppen. Maar Monniejj stond er op dat als ik bij haar wilde slapen, ik dit moest doen.” Sniperts hart sloeg bijna over bij het horen van haar naam. “Maar hoe is het bij de moderators, dat gouden harnas staat je goed. Je lijkt nu bijna een man.” Snipert moest even lachen om de belediging en vertelde het verhaal van zijn laatste drie weken. Hij besloot met zijn eerste missie en Chiz leek bijna enthousiaster om mee te gaan dan hij eigenlijk was. Het leven aan het hof was kennelijk niet echt voor Chiz weggelegd. “Klinkt goed allemaal, ik zat er zelf ook aan te denken binnenkort de weg maar weer op te gaan. Marcel zal me wel zo’n beetje gaan missen nu.” Snipert huiverde wanneer hij aan het lijk van Marcel in zijn droom dacht, maar vroeg daarna waar hij Monniejj kon vinden. “Ik loop wel even met je mee.”

Aangekomen bij de villa van de kanselier ging Chiz hem voor en zei tegen de wachten dat het oké was. Eenmaal binnen riep Chiz een werkster om te vragen waar de kanseliersdochter was. “Ze is momenteel niet thuis vrouwe” antwoordde de werkster, “volgens mij heeft ze een bal van één van de senators vanavond. Die euh… Wexxle is het volgens mij.” Snipert en Chiz keken elkaar aan, bedankten de werkster en liepen de deur van de woning weer uit. Het was al lang en breed donker toen ze bij de villa van heer Wexxle aan kwamen, die aan de andere kant van Het Marmer lag. De wacht liet hen echter niet naar binnen. “Alleen voor genodigden.” Zei de wacht kortaf. Chiz en Snipert probeerden hem nog te overtuigen maar het mocht niet baten. Slechts een klein deel van de elite van Frontpagia was uitgenodigd en het zag er niet naar uit dat het feest vroeg zou eindigen. Snipert moest de volgende voor dag en dauw aan een enorme tocht beginnen en hij moest een paar uur slaap hebben. Met hangende schouders liep terug naar het hoofdkwartier van de moderators. Ondertussen zetten hij Chiz af bij de kanseliersvilla en nam afscheid van haar. “Nog iemand die ik waarschijnlijk nooit meer zal zien…” Dacht Snipert treurig bij zichzelf. Met ferme pas maakte hij zijn tocht naar zijn barrak en ging daar op zijn bed liggen. Over een paar uurtjes zou hij met Ser Orange op weg gaan naar Zevenburcht, het duurde niet lang of hij viel in slaap.

To be continued...

Dit artikel delen

Over de auteur