1. De Missie (Deel II): Onderweg

De Missie (Deel II): Onderweg

De wind suisde in hun oren terwijl de vier soldaten richting de grond vielen. Voor wat het waard was bleek de dropzone een relatief grote opening in de jungle te wezen. Relatief was hier het woord met nadruk; uit vliegtuigen springen is niet bepaald een exacte taak in de beste omstandigheden. Op afgesproken hoogte activeerden de vier hun anti-grav chutes, die hun vaart dramatisch minderde waardoor ze met de behendigheid van elite soldaten met tact de val navigeerde. Het gat in de dichte begroeiing, ongeveer 15 meter in doorsnede, was niet veel meer dan een kleverige modderpoel.

De mannen landen met slurpend geluid van modder die hun gevechtslaarzen naar beneden probeert te zuigen. Tidow seint naar de anderen "Alert, mogelijke vijanden" en trek met getrainde snelheid zijn wapen in de schutterspositie. Allen waren ze bewapend met Armageddon Pattern Autoguns, zwaar kaliber voor hun grote, waar aan dempers bevestigd waren. Een volle tien seconden staan ze doodstil te observeren, maar een vijandige reactie op hun landing blijft uit. "Lijkt d'r op dat we onopgemerkt zijn geland." sist Kaoz die voorzichtig zijn wapen laat rusten.

"Laten we het hopen." verzucht Tidow "Nu is onze eerste taak om die verrekte anti-grav chutes te verbergen."

Nadat het materieel uit het directe zicht was kwamen de mannen bijeen. JJ pakte zijn dataslate erbij "We zijn nu hier." hij wees naar een punt op de kaart die geprojecteerd werd "En als we meer munitie en wapens nodig hebben..."

"We hebben grotere wapens nodig" sprak Sadist met een gewelddadige grijns.

JJ vervolgde zijn verhaal "Als we materiaal nodig hebben dan zullen we een dag moeten richting het noord-oosten."

Tidow keek moeilijk "Wat moet, moet. We zullen wel ons voorzichtig moeten voort bewegen; hoe meer we richting het noorden gaan hoe hoger de concentratie aan vijanden. De God-Keizer weet dat het terrein het ons ook niet makkelijker zal maken."

Met beleid begonnen de soldaten aan de tocht. Twaalf kilometer, het lijkt een geringe afstand tot je door dicht begroeide jungle heen moet. In stilte bewogen ze zich voort door de dichte vegetatie; Kaoz voorop, scheef van achter geflankeerd door Tidow en JJ met Sadist in de achterhoede. De eerste uren gingen zeer voorspoedig; de vaart was goed voor de omstandigheden, er waren geen onvoorziene obstakels en geen vijand. Ineens steek Kaoz zijn vuist op en het team spot. Hij seint "Mogelijke vijanden, ga verkennen". Met dat verdwijnt hij tussen het gewas en het team positioneerde zich achter twee in elkaar geroeide bomen.

Twintig seconden later verschijnt Kaoz weer "Vijandelijke patrouille, zes man, deze richting, volg mij". Sluipend trekken ze een verhoging op en nemen dekking achter een gevallen boom. Voor ze de vijand zagen hoorden ze hen al, sprekend in de gutturale taal van de Chaos Goden, zo lang zich in veiligheid gewaand dat de spraakdicipline te wensen overheild. De ketter soldaten, gekleed zwarte uniformen met een rode hand embleem op hun hart, liepen in een rustig tempo voor de verhoging langs. Tidow seinde "3, 2, 1". Sadist was het snelst, zijn wapen vurend richting de voorste man, een blik van ongeloof in zijn ogen terwijl de drie kogels zijn torso penetreerde. De rest volgde. De achterste man viel gorgelend, zijn strottenhoofd weggereten. De verraste soldaten probeerde nog bij te draaien en terug te vuren maar het was al te laat. De Imperiale strijders maaide ze zonder mededogen neer.

Het vuren staakte en de rust keerde terug. De soldaten stonden op en liepen voorzichtig in de richting van de gevelde vijanden. De gorgelend soldaat was nog steeds in leven. Kaoz liep er op af, trok zijn mes en stak hem via zijn oogkas in de hersenmassa van de vijand. Een valse glimlach op zijn gezicht "Dat zijn er weer zes minder."

--------------------------------

To be continued!

Dit artikel delen

Over de auteur