1. Supernova 2: Andromeda, Hoofdstuk 1: Sadist

Supernova 2: Andromeda, Hoofdstuk 1: Sadist

Lees eerst hier de proloog van Andromeda!

Terwijl de wereld om hem heen langzaam van een wazige vlek weer wat meer in focus kwam werd Sadist zich meer en meer bewust van de pijn in zijn lichaam. Natuurlijk was er de pijn van de vele verwondingen die hij gedurende de afgelopen weken had opgelopen, maar er was ook nieuwe pijn. Zoals de steken in zijn rechterschouder. Daarbij was zijn hoofdpijn, die sowieso constant aanwezig was de afgelopen tijd, met een factor tien toegenomen. Ineens werd hij zich pijnlijk bewust van de alarmsirene die op de brug van het schip schalde. Om het een pijnlijk oorverdovend geluid te noemen was een understatement geweest. Het licht op de brug was uitgevallen, en de groene noodverlichting werkte maar half. Hij kneep met zijn ogen om de omgeving en schade in hem op te nemen, terwijl hij overeind krabbelde. Na enkele seconden drong het besef tot hem door dat de pijn in zijn schouder bijna ondragelijk was. Met een doffe knal storte hij weer neer, waarbij hij op het laatste moment instinctief zijn rechterschouder aan de kant gooide, zodat hij op zijn rug terecht kwam.

Wat hij daar zag zorgde ervoor dat zijn hart enkele slagen over sloeg. Het grootste gedeelte van het plafond van de brug was verdwenen, hij zag net buiten het schip enkele flitsen van het energieschild dat bijna constant in contact kwam met kleine fragmenten van de romp van het schip. Of althans, wat vroeger de romp van het schip was geweest. Heel voorzichtig hief Sadist zichzelf in een zittende positie. De ravage om hem heen was immens. Verschillende computersystemen stonden in brand. Alle stoelen leken naar de voorzijde van de brug te zijn gevlogen en daar met veel geweld een stapel gevormd te hebben. Om hem heen lagen veel van zijn bemanning bewusteloos, althans, hij hoopte dat ze enkel bewusteloos waren, om hem heen. Een enkeling liep rond en probeerde de vele brandjes te blussen of hielpen anderen weer op de voet. In een hoekje zag hij zijn tweede-in-commando Chiz ongecontroleerd huilen, in haar armen hield ze het bebloede hoofd van één van zijn onderofficieren, Korperaal Toerie, vast.

Voor wat wel een eeuwigheid leek staarde Sadist verdwaasd in Toerie's levenloze ogen. Een hevige brommende toon en een behoorlijke schokgolf die door de brug trok bracht hem weer bij zijn positieven. Een beetje onhandig en voorzichtig bracht hij zichzelf rechtop. Een pijnscheut in zijn knie zorgde ervoor dat hij zich enigszins ongemakkelijk strompelend naar Chiz begaf. “Chiz?” vroeg hij haar voorzichtig, maar ze leek hem niet te horen. “Chiz?” vroeg hij nogmaals, “Chiz?!” Glazig keek ze hem aan, maar reageerde niet. “Chiz, we moeten een inventarisatie van de schade doen.” Chiz knipperde enkele keren verdwaasd met haar ogen, terwijl ze langzaam bij haar positieven leek te komen. “Chiz, regel me een status-update van de vitale systemen.” Hij probeerde niet te dwingend over te komen, maar nu was niet het moment te rouwen. Voor hetzelfde geldt was de vijand nog niet verdwenen en op dit moment was een ongecrontoleerd schip belangrijker dan een dode korperaal.

Hij schrok van zijn eigen gedachte. In de afgelopen jaren op het schip was hij van een passievolle wetenschapper naar een berekenende, bijna emotieloze, militair getransformeerd. Iets wat hij zelf nooit geloofd zou hebben, als je het hem vroeger verteld had. Er was echter veel gebeurd in de afgelopen jaren om zijn verandering te rechtvaardigen. Sadist had zich wel moeten aanpassen aan de situatie. Soms dacht hij met weemoed terug aan het eerste jaar van hun reis. De sfeer op het schip was geweldig geweest, iedereen was vol goede moed aan de onderneming begonnen en ze hadden bijna geen problemen gehad met het de technische systemen. Ook in Iganië was men verrukt geweest met alle ontdekkingen die het schip onderweg gedaan had. Daarbij had de expeditie al verschillende nieuwe bewoonde werelden ontdekt en had Sadist als kapitein al verschillende buitenaardse afgezanten op zijn schip mogen ontvangen. Er waren zelfs verschillende buitenaardsen geweest die hadden gevraagd op het schip te mogen blijven en mee te gaan naar Andromeda. Iets dat Sadist en zelfs het hoofdcommando op Iganië uiteraard met veel enthousiasme hadden toegestaan.

Dat waren echter allemaal werelden geweest die technologisch niet veel verder ontwikkeld waren dan zijzelf, sommigen waren zelfs enkele eeuwen verwijderd van het niveau van Iganië. Na dat jaar ging het echter grondig mis, al had Sadist dat niet zo snel doorgehad. Het begon allemaal toen het contact met de thuiswereld verloren ging. Sadist en zijn technische staf hadden een ingenieus broodkruimelsysteem bedacht om contact met Iganië te houden als de afstand te groot zou worden voor directe communicatie. Ze hadden een lint van sattelieten op hun weg achter gelaten, via welke de communicatie verstuurd kon worden. Zo konden hun data en persoonlijke berichten verstuurd worden en binnen een uur ontvangen worden aan de andere kant van het lint. Dat werkte perfect, tot dat ene moment in de veertiende maand van de expeditie. Ineens kwamen er allemaal foutmeldingen, de ene na de andere satteliet verdween uit het lint en hoewel er rekening gehouden was met defecten en er één of twee sattelieten achtereen uit het lint konden verdwijnen zonder de communicatie te verstoren, verdwenen er navolgens steeds meer.

Afgesloten van het hoofdcommando en de vrienden en familie thuis had bepaald geen wonderen verricht voor het moraal op het schip. Er gingen zelfs stemmen op om het schip om te keren en terug naar Iganië te gaan. Sadist had echter staande orders de missie koste wat het kost te voltooien en voor deze situatie waren de orders vrij duidelijk. Doorgaan met het plaatsen van sattelieten voor het lint en wachten tot de thuiswereld de storing had verholpen. Deze orders hadden de rust enigszins laten wederkeren, maar een constante spanning bleef aanwezig onder de crew van de IRS Snipert. Drie maanden had het geduurd voordat ze een planeet ontdekten die een communicatiesysteem hadden dat directe communicatie naar Iganië mogelijk kon maken. Het had nog een maand langer geduurd voordat Sadist's communicatieofficier Ridley in staat was geweest de taal van de buitenaardsen te leren en met hun te onderhandelen om de technologie in handen te krijgen. Maar na ruim viereneenhalve maand had Sadist het hoofdcommando op kunnen roepen.

Korporaal EpicPwn had de eer gehad de communicatie te initiëren, alvorens deze door te schakelen naar het hoofdscherm aan de voorkant van de brug. Hij had echter grootte moeite gehad contact te krijgen met Iganië, het hoofdcommando op Aiiiland had helemaal niet gereageerd. Het militaire hoofdkwartier bij Frontpagia had een automatisch hulpbericht uitgezonden en was verder ook onbereikbaar. Pas toen EpicPwn de militaire basis bij Zevenburcht had proberen te bereiken hadden ze contact gekregen met het militaire commando. De communicatie viel regelmatig weg en de kwaliteit van de verbinding was zeer slecht, maar wat Sadist van de chaotisch sprekende Kolonel aan de andere kant had begrepen was Iganië aangevallen door buitenaardsen. Enkel Zevenburcht was nog niet ingenomen door de strijdkrachten van de bezetters, al was dat maar een kwestie van tijd. Het lot van de mensen buiten Zevenburcht was volstrekt onbekend en alle communicatie naar buiten was afgesloten. Kolonel Hamasper was de hoogste officier binnen het Zevenburchtse commando en had de leiding over het nog niet bezette gebied op zich genomen. Sadist had aangeboden terug naar Iganië te keren en te helpen bij de verdediging, maar dat werd hem meteen door Hamasper verboden. Hun hulp zou niets uithalen op dat moment, als ze over anderhalf jaar Iganië zouden bereiken was de planeet al volledig in handen van de invasiemacht en als laatste vrije mensen was het aan Sadist om op zoek te gaan naar goedgezinde buitenaardsen om de Aarde te bevrijden.

Het was gedurende de maand erna nog maar vier keer gelukt om contact met Iganië te krijgen, Kolonel Hamasper had na iedere maal wanhopiger geleken, en de laatste keer stond Zevenburcht op het punt te vallen. Hamasper had alle logbestanden van de communicatie verwijderd en beloofde het communicatieapparaat te vernietigen voor het commandocentrum ingenomen werd. Voor zover de invasiemacht betreft, waren Sadist en hun bemanning nog steeds op weg naar Andromeda. Sadist's bemanning had het nieuws strijdmoedig aangehoord. Ze waren meteen aan hun nieuwe missie begonnen, maar de ene na de andere buitenaardse planeet bleek technologisch niet in staat tot ruimtevaart, laat staan om militaire weerstand te bieden aan een buitenaardse strijdmacht. Het duurde twee jaar voordat ze een planeet vonden die een immense ruimtevloot had en in staat zou zijn hun te helpen. Het eerste contact met de planeet, die volgens Ridley vrij vertaald Redaxios heette, was nu vijf maanden geleden geweest. De buitenaardsen waren zeer indrukwekkend geweest, niet alleen technologisch, maar ook in hun fysiek. Het waren gigantische wezens geweest, die veel op mensen leken, maar gemiddeld wel acht meter groot waren geweest en voor het grootte merendeel twee hoofden hadden. De leider, of beter gezegd, leiders van de planeet waren de Keizers Jelle en Youri geweest.

In eerste instantie bleken de Redaxiozen zeer behulpzame en vriendelijke bondgenoten te zijn, maar dat veranderde al snel. De tweehoofdigen bleken een minderheid op de planeet te zijn, die grotendeels bevolkt werd door mensachtigen met maar één hoofd, die fysiek een stuk minder groot en sterk waren. De tweehoofdigen onderdrukten de anderen en lieten ze onder beestachtige wijze een slavenbestaan leven. Sadist en zijn bemanning hadden, zodra ze dit doorkregen, alle contact met de Redaxiozen verbroken en waren hun weg vervolgd na een fikse verbale ruzie met de Keizers Jelle en Youri. Na enkele dagen waren ze echter onder aanval gekomen van een Redaxioos slagschip en hadden ze maar met moeite kunnen vluchten door naar lichtsnelheid te gaan midden in een druk bevolkt sterrenstelsel. Met veel geluk was het schip niet op hoge snelheid in aanraking gekomen met een groot hemellichaam en ontkomen met een lichte voorsprong.

De Redaxiozen hadden echter in dit kwadrant van de ruimte veel buitenposten en slagschepen, en het had niet lang geduurt voordat de IRS Snipert weer onder aanval was gekomen. Steeds meer systemen hadden gefaald en enkele dagen geleden was de lichtsnelheid definitief uitgevalen. Enkele uren geleden had het Redaxioze slachtschip dat hen al weken achtervolgde hen eindelijk achterhaald en aangevallen. De brug was hun primaire doel geweest en succesvol, zoals nu bleek, uitgeschakeld. Chiz stond nog steeds voor hem en staarde verwilderd naar zijn schouder. “Kapitein, uw schouder is uit de kom.” De pijn in zijn schouder, alweer bijna vergeten tijdens zijn overpeinzingen kwam met een flits terug. Het was alles wat hij kon doen om niet ter plekke opnieuw het bewustzijn te verliezen. “Dat komt later Chiz, statusrapport! Nu!” Chiz liep naar haar commandostation aan de overzijde van de brug, tikte wat commando's in en las het scherm af. “Kapitein!” Schreewde ze over de brug, “we zijn geëntert op dek dertien! Ik kan geen enkele communicatie opzetten met de dekken twaalf tot en met vijftien!”

Sadist staarde haar met grote ogen aan. Dek dertien? Als dat waar was, dan... “Nee, Natan!”

Wordt vervolgd in het tweede hoofdstuk van Supernova 2: Andromeda.

Dit artikel delen

Over de auteur