1. Een Dubbelleven: Anno 2011

Een Dubbelleven: Anno 2011

Nostalgie, wat een fantastisch woord is dat toch. Herinneringen van vroeger die na zovele jaren terug werkelijkheid worden, een geweldig gegeven. Je hoort het al, ik ben een nostalgofiel (een neologisme van mijn hand, en ik ben er trots op). Anders gezegd: verslaafd aan nostalgie. Zo haal ik graag nog eens Tetris van onder het stof of probeer ik voor de zoveelste keer mijn historische records te verbeteren in Mario Kart DS. Maar het gaat (gelukkig) nog verder dan dat. Ook op toeristisch vlak wil ik nostalgie nooit aan mijn neus zien voorbijgaan. Het allerbeste voorbeeld bevindt zich hier ruim 12 000 kilometer vandaan. De naam van het land vind je door mijn naam te linken aan de woorden ‘familie’, ‘zon’ en ‘Zuidoost-Azië’ (of door gewoon hier te klikken). Weet je al welk land ik bedoel? O ja hoor, het is inderdaad… de Filippijnen! Het geboorteland van mijn moeder is nu al voor de vierde keer mijn reisbestemming. De weblog ‘Een Dubbelleven’ is vanaf nu geschiedenis, het is eindelijk tijd voor ‘Een Dubbelleven: Anno 2011’!

Dinsdagochtend 5 juli, rond een uurtje of zes. Gepakt en gezakt stonden ikzelf en mijn familie klaar voor die ene maar zo zware reis. Uit voorzorg werden alle valiezen nog eens grondig gewogen (want zoals je weet zijn de luchthavens van nu zéér streng *kuch*) en gecontroleerd op veiligheid en stabiliteit. Een trip van 12 000 kilometers was nu eenmaal niet niks. Sterker nog, ons aantal te nemen vliegtuigen bij de heenreis was met 1 gestegen (vier in plaats van drie) en dat allemaal in functie van de snelheid. Toch duurde het nog steeds twee volle dagen vooraleer we het volledige traject hadden afgelegd (dat traject is trouwens te lezen in ‘Een Dubbelleven’, het enige verschil is dat de bootreis een vlucht is geworden). Maar soit, arriveren deden we sowieso, enkel de gezondheidstoestand waarin we zouden toekomen was nog gissen. Ik kwam alvast aan met lichte buikkramp, waardoor ik naast mijn familieleden al snel terug kennismaakte met hun toilet. En geloof het of niet, vanaf het moment dat de eerste scheten gelost werden, wist ik dat het hier helemaal anders leven ging worden dan in België.

http://i587.photobucket.com/albums/ss314/kimmyboy/Een%20Dubbelleven%20Anno%202011/Foto3.png

Naast me stonden twee met water gevulde emmers, beide verschillend van grootte. Deze emmers deden dienst als ‘doorspoelsysteem’ (geen idee hoe je het anders verwoordt), van een waterleiding was hier namelijk geen sprake. Er werd enkel gebruik gemaakt van regenwater dat via regentonnen werd opgevangen. Toch moest men geregeld extra water bijpompen in een nabij gelegen stad, de regen kwam er amper één keer per week langs. Verder was ook douchen een totaal andere bezigheid. Je moest hier werkelijk water scheppen en over je hoofd gieten om jezelf nat te maken. Daarbovenop moest je ook nog water overhouden voor de anderen, zodat ook zij zich zonder problemen konden wassen. Gelukkig ging het om warm water, een gebrek aan elektriciteit was hier niet aan de orde (op enkele brown-outs na). En mocht dat toch niet zo het geval zijn, dan nog overheerste de sfeer van vakantie in overvloed. Kijk even aandachtig naar onderstaande foto’s en je begrijpt meteen wat ik bedoel.

http://i587.photobucket.com/albums/ss314/kimmyboy/Een%20Dubbelleven%20Anno%202011/Foto1.pnghttp://i587.photobucket.com/albums/ss314/kimmyboy/Een%20Dubbelleven%20Anno%202011/Foto2.pnghttp://i587.photobucket.com/albums/ss314/kimmyboy/Een%20Dubbelleven%20Anno%202011/Foto4.pnghttp://i587.photobucket.com/albums/ss314/kimmyboy/Een%20Dubbelleven%20Anno%202011/Foto5.png

De zon, de bomen, de vrolijk- en gastvrijheid van de mensen, … het plaatje klopt perfect. Of je nu van Ruiselede of Abidjan komt, hier zonder een grote smile op je gezicht toekomen is een aartsmoeilijke opdracht. En bovendien is in de Filippijnen alles ‘natuurlijk’, waardoor je al na een paar dagen volledig bent aangepast aan de wondere wereld bestaande uit zo’n 7000 eilandjes. Dat er zich door die natuurlijkheid eens een pad in je schoenen komt nestelen (echt gebeurd!) of een leger mieren je bed komt opgekropen (niet echt gebeurd!) neem je er naar hartenlust bij. Zet alle pro’s en contra’s naast elkaar en je komt toch sowieso aan een positieve uitkomst. Met enig enthousiasme kan het zelfs je nieuwe thuis worden, maar dat is voor sommigen misschien net een stap te ver. Maar genoeg reclame gemaakt, het wordt tijd om wat gebeurtenissen van tijdens onze vierweekse reis aan te kaarten.

Laten we beginnen bij de eerste week (leek me een logische keuze), sinds enkele weken geleden ook wel ontmoetingsweek genoemd. Deze week bestond voornamelijk uit bezoekjes brengen en krijgen, telkens bij een lid uit onze (immens) grote familie. Gelukkig bleef het daar niet bij, zo heb ik de basketkunsten van mijn neef Klint kunnen bewonderen en zijn we naar Daminar Riverside Garden (een zwemoord waar we niet hebben gezwommen, typische Lannoo-logica) gegaan. En natuurlijk werd er een traditionele barbecue georganiseerd om onze thuiskomst te vieren!

Week 2 stond in het teken van Dakak, één van de populairste stranden van het land. Dit was met voorsprong de meest geslaagde uitstap uit onze reis. Zon, zee, strand, chicks, … kortom, een replica van de Costa del Sol en Blanca samen, maar dan net dat tikkeltje heter en mooier. Verder waren ook weer de ziekelijk vele bezoekjes van de partij en kwamen de eerste onweersbuien langs, maar dat was al bij al maar een kleine domper op onze feestvreugde.

Onze derde week begon saai, maar werd na enkele dagen opgefleurd door een uitstap naar een dierenpark genaamd Moap. Welnu, gedeeltelijk opgefleurd eerlijk gezegd, want in vijf jaar tijd was er enorm veel in negatieve zin veranderd. Gulzige aapjes werden opgevolgd door lege kooien, immens grote vissen ruimden plaats voor microscopisch kleine goudvisjes (in erg vervuild water trouwens, maar soit). Je hoort het al, het was niet (helemaal) wat we ervan hadden verwacht, maar alles bij elkaar opgeteld kon het er nog mee door. We hadden tenminste plezier, en dat was wat telde. Plezier hadden we trouwens ook in Oroquieta Plaza, waar ik door talloze (dat is misschien wat overdreven, laat ik het maar houden bij enkele tientallen) meisjes grondig werd geobserveerd. Dat geeft je al meteen het BF-gevoel (Bekende Filipino, niet te verwarren met ‘Best Friend’), een gevoel waarbij het lijkt dat het Filippijnse vrouwenvolk aan je voeten ligt. Niet dat ik begon te zweven hoor, maar het was wel eens leuk om zoiets te ervaren. In België zou ik alvast meer moeten doen dan enkel rond te paraderen als als het ware Zac Efron zijnde.

http://i587.photobucket.com/albums/ss314/kimmyboy/Een%20Dubbelleven%20Anno%202011/Foto6.png

Aan alle liedjes komt een einde, en jammer genoeg was ons liedje in de vierde week uitgezongen. Het afscheid was emotioneel, tranen vloeiden over en weer en de lokale zakdoekwinkeltjes deden gouden zaken. Ikzelf, al mijn hele leven beschaamd om mijn hels gejank, heb me proberen sterk te houden tijdens het afscheid. Maar eens we op de baan waren en ik mijn familie beetje bij beetje kleiner zag worden kreeg ook ik het moeilijk. Al snel zocht ik naar mijn zonnebril, zette hem op en liet mijn tranen de vrije loop, wel een kwartier lang. Wetende dat je hen voor op z’n minst vier jaar niet meer zal terugzien doet verschrikkelijk veel pijn. Inderdaad, er bestaat Facebook, wij (en zij) hebben een telefoon, maar dan nog zou dat niet mijn verlangen naar hen kunnen stillen. Sterker nog, het zou misschien zelfs nog groter worden, want in die conversaties worden de zinnen ‘we miss you’ en ‘when will you come back?’ in overvloed gebruikt, en dat zijn niet echt verlangenstillende frasen. Terugkeren is dus de enige oplossing, maar daarvoor moeten we eerst sparen, heel lang sparen…

Op het moment van schrijven bevind ik me op het vliegtuig Hong Kong – Londen, een zowat twaalf uur durende vlucht en daarmee de langste van onze terugweg. Mijn laptop had ik niet bij de hand, dus ging ik maar met pen en papier aan de slag om jullie wat leesvoer aan te bieden over de reis van mijn leven. Eens ik mijn schrijfblok bovenhaalde, viel mij iets in het oog. Het was een nummer, zo’n tien cijfers lang. Al snel kwam ik tot het besef dat het een GSM-nummer was, en al even snel kwam ik te weten dat het die van mijn neef Klint was. Maar er was iets speciaal met het nummer, of beter gezegd het papier waarop het nummer was geschreven. Het voelde wat vochtig aan, vooral in de buurt van het nummer. Ik dacht na, vond de waarschijnlijke uitkomst en na enig besef begon ik spontaan weer te huilen. De zin naar het schrijven was ineens heel ver weg. Ondertussen belandden de tranen op het papier, de zichtbaarheid van het nummer slonk zienderogen…

Sindsdien ben ik een fan van het woord ‘emotie’ (en heb ik me voorgenomen overal een laptop mee te nemen).

Dit artikel delen

Over de auteur