1. Limburgse gamer in New York #3 – Alone in the Dark

Limburgse gamer in New York #3 – Alone in the Dark

Na een echte volle week in deze Amerikaanse metropool zijn me een paar dingen duidelijk: de stad is immens, druk, gehaast, overal zit suiker in, maar de mensen zijn bij lange na niet zo dik als je zou denken (ligt waarschijnlijk aan al die haast) en als het hier regent gaat het zo tekeer dat Nederland er een puntje aan kan zuigen. Afgelopen maandag kreeg ik vijf noodmeldingen op m’n telefoon, met waarschuwingen voor overstromingen. Dat is nieuw voor mij.
New York

Het heeft me desondanks niet belet in mijn doen en laten hier. Ondertussen heb ik een eerste paar stagedagen achter de rug, die voor mij nog ietwat rustig en aftastend waren. De week ervoor was namelijk de Londense boekenbeurs, waardoor afgelopen week nog een beetje in teken stond van de nasleep van die beurs: collega’s reizen terug uit het Verenigd Koninkrijk, rapporten draaien nog om de grote titels daar en de deals die internationale uitgeverijen en agenten in sneltreinvaart proberen te sluiten. Ondertussen komen nieuwe cliënten naar New York voor een eerste ontmoeting. Het echte werk begint voor mij dus komende week.

Pennen in het groen

Desondanks ligt het er dik bovenop dat het tempo in New York erg hoog ligt, met stress op elke hoek. Gisteren zag ik een man bij rood licht snel oversteken. Een taxi die net optrok raakte hem licht. De man aarzelde geen seconde en schoot een enorme fluim over de motorkap en ruit van de auto. ‘I’m walking here!’ riep hij – dat meen ik echt! Geen wonder dat Central Park zo’n toevluchtsoord is, een plek waar (bijna) geen stadslawaai te horen is. Stadsgroen heeft de afgelopen jaren een prominente plek gekregen hier, met dit park als hoogtepunt.

Ik keek dan ook uit om in Central Park neer te strijken met een boekje, of er te rennen. Van dat sporten daar is nog niet veel terechtgekomen, maar gelukkig woon ik in de buurt van Prospect Park. Dat is minstens zo mooi en bij lange na niet zo druk. In Central Park genoot ik vooral van het weer, schreef ik noestig in mijn dagboek, ontmoette ik mijn jeugdheld Balto en prees ik mijzelf gelukkig dat ik er in de zon rondliep. Mijn eerste ‘ervaring’ van het park was namelijk die van de chaos en duisternis uit Alone in the Dark.

Experimenteren in de middenmoot

In 1992 verscheen Alone in the Dark, de eerste driedimensionale survival-horrorgame. Na dat klassieke en invloedrijke eerste deel zakte de serie wat weg, maar er was hoop dat de reboot uit 2008 de serie een nieuwe impuls zou geven. Die Alone in the Dark is een ambitieuze titel die erg hard z’n best doet om te innoveren en anders te zijn, maar tegelijkertijd intens middelmatig popcornvermaak is. In de game volg je de grofgebekte Edward Carnby, die in Central Park op zoek moet naar een duistere macht, die op dat moment New York naar de tering helpt. Met een aantrekkelijke dame aan zijn zijde moet hij daarvoor allerlei zombies en ander hellegebroed afmaken in het stadspark, en er verschillende geheimen ontrafelen.

De gameplay heeft wat hogere aspiraties dan dat b-verhaal. Alone in the Dark speelt namelijk met de besturing en verschillende perspectieven. Het geeft de game een dynamisch gevoel, ware het niet dat de besturing zo onhandig is. In het derdepersoonsperspectief kun je namelijk je vijanden bevechten met verschillende wapens en voorwerpen, zoals knuppels, zwaarden en stoelen. Daarvoor bestuur je met de linkerpook Edward en zwaai je met de rechterpook met dat wapen. Echt fatsoenlijk mikken is er dan niet bij.

Hetzelfde geldt voor het schieten in het eerstepersoonsperspectief. Er zit een soort hapering in, wat deels te maken heeft met de agressieve auto-aim die erg rap naar het hoofd van een vijand schiet. Het maakt de gameplay wat houterig en onbeholpen. Bovendien weerhoudt het je ietwat van wat je eigenlijk moet doen: spelen met vuur.

Wil je vijanden namelijk echt afmaken, dan moet je ze in de fik steken. Daarvoor kun je op ze inslaan met een brandende toorts, maar je kunt ook een vlammenwerper improviseren met een aansteker en een spuitbus, of een flesje brandstof in de lucht kapotschieten met speciale ‘vuurkogels’. Zulke combinaties leveren vaak wat tofs op. Vuur gedraagt zich daarbij erg realistisch, een van de speerpunten van de game. Het verspreidt zich over hout en andere brandbare oppervlakten en zal die ook uit eindelijk verkolen. Je moet dan ook steeds in de gaten houden wat je er mee doet

Daarnaast is het aankloten met die combinaties best geinig gedaan: Edward kijkt naar beneden, opent zijn jasje en in realtime kies je dan voorwerpen om te combineren voor het een en ander. Dat doe je overigens ook als hij gewond is. Je pakt dan een soort spray of een verband en vervolgens lap je je gewonde lichaamsdeel op. Alone in the Dark probeerde daarmee (en met de besturing) wat dynamiek en realisme te bieden.

Toerist in deeltijd

Dat realisme zit ‘m ook in de weergave van Central Park. De makers hebben erg hun best gedaan het park natuurgetrouw weer te geven. Dat valt meteen op als je de kaart in de game naast een echte kaart legt (wat ik in een vrij lelijke mock-up heb gedaan), maar ook bekende plekken uit het park zijn te herkennen, zoals het Bethesda-terras. Ondanks dat de verschillende wegen en heuvels bezaaid zijn met puin, monsters, branden en ‘Roots of Evil’, waan je je in dat wereldberoemde park. Best knap voor zo’n ordinaire survival-horrorgame.

Maar de game toont niet hoe bijzonder dat park is, of hoe kneuterig en burgerlijk. Ik was er op de eerste echt zonnige en warme dag van het jaar. Het meer was dan ook bezaaid met stelletjes die in roeibootjes romantisch probeerden te doen, maar eigenlijk elkaar alleen maar in de weg zaten. Reisleiders vertelden hun vermoeide toehoorders over alle films en series die bij Bow Bridge zijn opgenomen. Gezinnen sleepten kinderen van hot naar her, die liever in de schaduw van een hotdog zaten te snoepen. Een oude mafketel speelde de meest deprimerende deuntjes op zijn accordeon. En ik zat onder een boom het gevoel in m’n benen te verliezen terwijl ik erop uitkeek en in m’n dagboek schreef.

Ik ga er nog vaak terugkomen. Mijn stageplek ligt er immers maar een paar blokken vandaan. Vanaf morgen ben ik hier fulltime stagiair en nog maar parttime toerist. Eens zien wat ik dan nog ga beleven van de stad en wat-ie te bieden heeft. Jullie lezen er volgende week over!

Dit artikel delen

Over de auteur

Jules Schlicher (Eind)redacteur InsideGamer. Speelt graag alles, maar komt aan veel te weinig toe, en gaat dus maar door aan Fable en The Witcher 3. En vooral Xbox-games. Limburgse zaligheid sinds 1991.

Reacties

Plaats reactie

Wanneer je een reactie plaatst ga je akoord
met onze voorwaarden voor reacties.

Log in om te reageren